Populisme

“Van Rompuy en Monti gaan populisme bestrijden.” (De Standaard, 08/09/2012)

“De Italiaanse premier Mario Monti wil in Rome een Europese top organiseren die zich buigt over de 'gevaarlijke' opkomst van het populisme in de EU. Europees Raadsvoorzitter Herman Van Rompuy is alvast helemaal gewonnen voor het idee.” Wat is dit populisme eigenlijk? Is het allemaal zo ‘gevaarlijk’? Wie gaat wie bestrijden?

Populisme is een politieke stijl die ervan uit gaat dat de bevolking geleid wordt door een elite en streeft naar een samenleving waar het volk de staat beheerd. Populistische partijen beginnen als een stem uit het volk. De piraten partij wil, via het liquid feedback systeem, de stem van het volk zijn. Is de piraten partij dan een populistische partij en gaan we dan bestreden worden?

Van de 2de tot de 1ste eeuw BC was er in Rome een politieke fractie die zich de populares noemde. Dit was afgeleid van het woord populus (= het volk). Zij vertegenwoordigden de belangen van het gewone volk, de plebs. De populares kwamen op tegen de conservatieve regering bestaande uit de optimates. Deze optimates (= de besten) steunden het conservatieve bewind en waren tegen allen die nieuwe, ingrijpende politieke veranderingen wensten door te voeren. De optimates bestonden uit de elite van de maatschappij. Mannen met een goede opleiding uit een rijke familie. Dit in contrast met het plebs dat vooral bestond uit boeren en vakwerklieden.

De populares beseften dat het volk een stem heeft. Het plebs had dit al aangetoond met verschillende secessio plebis ( = terugtrekking van het volk). Dit was een protestactie van het volk tegen de senaat. Het volk verliet simpelweg de stad uit protest. Dit was een effectieve strategie aangezien het plebs het grootste deel van de bevolking uitmaakten en instonden voor de productie van voedsel.

Je kunt dit vergelijken met onze huidige politieke situatie. De huidige regeringspartijen zijn vooral conservatief ingesteld en zijn tegen vernieuwingen die hun machtspositie kunnen aantasten. De partijleiders en verkozenen zijn meestal universitair opgeleide mensen die uit een welgesteld gezin komen. Zij vormen op zich de moderne optimates en hebben weinig voeling met de gewone man, het plebs.

De parlementaire democratie in België is een indirecte democratie. Dit is een regeringsvorm waarbij het volk vertegenwoordigd wordt door een elite. De regeringsleider wordt niet direct gekozen door het volk. Het volk heeft geen inspraak in het beleid. Onze “optimates” beslissen zelf. Dit in tegenstelling tot wat het woord democratie werkelijk betekent. Dèmos = volk en krateo=heersen, regeren. Dus democratie = volksheerschappij.

Democratie gaat uit van een menselijk gelijkheidsideaal. Iedereen is vrij en gelijk in rechten en plichten geboren. Toch is die gelijkheid er niet helemaal. Het moderne plebs is mondiger en beter opgeleid dan het plebs ten tijde van de Romeinen en bestaat nu zowel uit universitairen als ongeschoolden (meestal arbeiders). Er is nog een groot verschil tussen de arbeider en de politicus. De arbeider heeft een lagere opleiding genoten, is vaak van allochtone afkomst en leeft vaker in een minder gegoede buurt. Tegenover de politicus die meestal een universitair diploma heeft, een hoger inkomen heeft, overtuigend van autochtone afkomst is en meestal in een “betere” (duurdere) buurt woont.

Het moderne plebs kan zijn ongenoegen laten merken door te staken. In navolging met de secessio plebis proberen zij ervoor te zorgen dat bepaalde dagelijkse functies van een maatschappij niet meer functioneren. Andere vormen om hun ongenoegen te laten merken zijn stemmen op een populistische partij, oprichten van actie groepen… De piraten partij kan hiervan mee profiteren om te groeien door het volk een mogelijkheid te geven zelf deel te nemen aan politiek (liquid feedback). Dit is dan een vorm van directe democratie.

De filosoof Tocqueville schrijft over “de tirannie van de meerderheid”. Dit is het opleggen van de wil van de meerderheid aan een minderheid. Men kan stellen dat een populistische partij in een directe democratie, de wil van de meerderheid van een volk zal opleggen aan een minderheid van dat volk. Zo komt de minderheid in verdrukking en kan zijn toevlucht zoeken in geweld. Tevens kan de meerderheid slachtoffer worden van conformisme en politieke correctheid.

Met conformisme bedoelen we dat mensen uit schrik om anders te zijn en uit de maat te lopen, zich gaan aanpassen aan wat de groep denkt. In vrije en meer ontwikkelde landen is het probleem van conformisme kleiner. Hier heerst er meer een individualistisch gevoel dan een groepsgevoel. Men is minder bezorgd over wat de groep over hen denkt. Er is meer een debatcultuur waarin men zijn standpunt zal verdedigen in plaats van dat men zich laat meeslepen door de groep. In minder vrije en ontwikkelde landen of zeer religieuze landen is conformisme wel een groot probleem. Deze landen zijn echter niet voor een directe democratie.

Politieke correctheid is iets dat we meer en meer zien gebeuren in de westerse maatschappij. Politici hebben schrik dat ze “per ongeluk” een van de vele minderheden zouden discrimineren met een verkeerde uitspraak. Vele woorden die een tiental jaren geleden nog perfect normaal waren, mogen nu niet meer gebruikt worden omdat ze als beledigend kunnen overkomen. Er worden extra plichten ingevoerd en wetten gemaakt om alles zo gelijk mogelijk te krijgen. Dit zowel in politiek (Max 50%+1 op de kieslijst van 1 geslacht), op de arbeidsmarkt (minder bedrijfsvoorheffing voor sommige minderheden) als op sociaal vlak.